Willem Vermandere

De eerste jaren

Omdat zijn publiek er uitdrukkelijk naar vraagt, brengt Dureco in 1994 de verzamelaar "De eerste jaren" uit met daarop onder meer Myn mensch'n van te lande, De grote voyage, 'k Zie mijn lief zo geiren en zijn onafscheidelijke klassieker Kasteel van schelpjes en zand. Wat het schrijven van die liedjes en zijn latere oeuvre betreft, zegt Willem: "Daar heb ik geen sigaartje, pintje bier, likeurtje of wat dan ook bij nodig. De muze bezoekt mij het liefst in de voormiddag, heel uitzonderlijk eens laat in de nacht als ik echt op dreef ben. Bij mij geen begeleidend ritueel van een pijpje of een sigaar - ik rook trouwens niet - en ook geen glas wijn of bier. Het komt bijna allemaal voort uit een vorm van improvisatie. Ik heb altijd mijn klarinetten om me heen, die zijn de kern van mijn muziek. Er zijn bijna net zoveel genres muziek als er mensen zijn. Hoeveel Bach en Beethoven ook mogen betekenen, ieder mens moet zijn eigen melodietje spelen en schrijven. Af en toe hou ik iets vast, een mooie melodische lijn bijvoorbeeld, die ik dan ook meteen noteer. Ik improviseer het liefst met mijn ogen dicht. En zo wordt er om de twee à drie maanden een nieuw lied geboren, als een soort regelmaat die in mijn chaotische leven is geslopen. Wat ik vroeger niet kon, dat was retoucheren; dat lukt me nu wel. Nu kan ik hier en daar een tekst bijschaven. Soms voeg ik aan een lied een strofe toe of zo. Pas op, het is en blijft een vak, dat schrijven. Ik daag een pak dichters uit, met Claus voorop, een liedtekst te schrijven zonder te vervallen in karamellenverzen. Het is niet makkelijk in rijmen te schrijven, want je belandt al snel in de clichés. Een tekst schrijven is en blijft vakmanschap."