1973

Delen S

De ziekekas

In diezelfde stijl van De gastarbeider brengen De Strangers in 1973 De ziekekas uit, van de hand van Frank Rover en Lex Colman, met deze keer het verhaal van een Marokkaan die in ons land aanbelandt en de voordelen van de sociale voorzieningen bezingt. Wanneer De Strangers dat tijdens een uitzending van "Binnen en Buiten" op een zondagnamiddag op Eén zingen, is 's anderendaags het hek van de persdam. Vooral Knack-journalist Johan Anthierens is in alle staten en schrijft: "Mag ik me even omdraaien en me onpasselijk voelen om zoveel melodieuze smeerlapperij?" Het liedje staat als B-kant op de single De wârrekvraa, een bewerking van De werkmens van Ivan Heylen, die bij Decca verschijnt en waarmee ze de twaalfde januari 1974 op vijf in de Vlaamse Top Tien staan. Die single staat ook op het album "De Strangers Meerderjarig", dat in 1973 op de markt verschijnt met daarnaast nummers als Die van de laste, Nor den boerenbuiten, Onnozel' muggen en Nor den opera, melodisch gebaseerd op Alle Menschen werden Brüder van Ludwig van Beethoven. Dat jaar worden ze gelauwerd met "De Gouden Lolly", een onderscheiding voor hun humoristische aanpak.

De jeugd van Walter

Reeds in 1973 was de toen 18-jarige Walter Grootaers, thuis omringd door vijf broers, bezeten door Amerikaanse en Britse rock. Studeren interesseerde hem niet. "Ik heb niet eens de middelbare school afgemaakt. Ik ben een van de weinige gelukkigen die nooit de stress van een studententijd hebben gekend", antwoordt hij lakoniek op de vraag welk diploma hij tegen de muur heeft hangen. Op zijn negende trekt hij naar de muziekschool om daar slagwerk te leren, want drummer worden was zijn grote droom.

Voor het eerst op Nekka

In 1973 staat Zjef voor de eerste maal op de affiche van "Nekka". Hij deelt de zevende oktober het podium van het "Sportpaleis" in Antwerpen met onder anderen Armand, De Elegasten, Ivan Heylen en Willem Vermandere.

Wat een prachtige dag

Op het Elf Provinciën-label brengt Mieke in de maand oktober van 1973 het plaatje Wat een prachtige dag, een vertaling van de hit What a wonderful world, op de markt, dat zij in duet samen met Vader Abraham zingt. Op 29 november schittert zij met dat liedje in de tv-show van Vader Abraham "In 't land van Bartje". Het liedje was in de hitlijsten niet meteen je dat omdat volgens Pierre Mieke nog wat aan haar a-klanken moest schaven. Het mocht wat Hollandser klinken en daar werd dan, vooral tijdens optredens in het land, constant aan geschaafd.

Einde samenwerking met Nico Gomez

In 1973 is er nog op het Palette-label de single Ah! Ah! Ah!, een vertaling door Karel Van Herck van het nummer Ra-ta-ta van de groep Rotation. In de hitlijsten beweegt er echter niets. Het Palette-verhaal blijkt aan de laatste alinea toe te zijn. "Die samenwerking met Nico Gomez", aldus Rita, "liep een aantal jaren goed. Het enige dat me soms stoorde, was dat hij vond dat ik dus te vaak aan festivals en liedjeswedstrijden deelnam. Hij ging dan ook nooit met mij mee om me daar te steunen. Terwijl al die andere artiesten iemand van hun platenfirma om zich heen hadden, stond ik daar meestal alleen en op den duur stak me dat tegen. Dat was niet leuk meer en toen besloot ik om Palette vaarwel te zeggen en over te stappen naar een andere platenfirma. Ik had intussen al contact met Fons Van Dam, die voor Decca werkte, en dat bracht alles in een stroomversnelling."

Vier

In 1973 brengt Vermandere zonder lang te hebben nagedacht over een geschikte titel zijn vierde elpee op de markt, "Vier". De plaat zet in met Den tjoolder en bevat vervolgens liedjes als Margriete van Piere Maertens, Le tour du monde, Psalm tot en met Litanie. Voorlopig blijven de hitlijsten ver uit de buurt. Ook deze keer zet hij zich voor het volle tekstuele pond in. Dan is het drie jaar wachten tot hij op het Decca-label uitpakt met het album "...Met mijn simpel lied". De oorlog is ook deze keer niet ver weg in Duits kerkhof en Duizend soldaten, dat hij samen met Guido Desimpelaere schrijft en waarbij een gitaarbegeleiding volstaat. "Laat de bom'n nu maar zwieg'n en dat 't gras niets vertelt en de wind moet 't ook maar nie zing'n dat julder'n dood tot niets hè geteld, dat woaren al te schrik'lijke dingen." Beide liederen gaan over de Groote Oorlog (de Eerste Wereldoorlog) in West-Vlaanderen. Dit thema zal regelmatig in zijn teksten opduiken. Daarnaast het gevoelige 'k Zie mijn lief zo geiren en Mijn stamcafé. Het West-Vlaamse dialect viert op deze plaat nog steeds hoogtij.

De schooltijd

Philippe liep school in Zele. "Ik ben daar gebleven tot mijn ouders naar Lokeren zijn verhuisd. Mijn zussen woonden toen al niet meer bij ons in. Ik was dus het enige kind dat mee verhuisde en heb daar in Lokeren dan ook alles meegemaakt. Dat was mijn biotoop. Ik liep daar school, ik had daar mijn vrienden, ik speelde daar in de buurt voetbal enzovoort." In Lokeren komt Philippe voor zijn hogere middelbare studies terecht in de afdeling Latijn-wetenschappen aan het Sint-Lodewijkscollege. "Ik moet zeggen dat het op het vlak van studeren meeviel. Zeker tot en met de lagere graad zette ik me erg in, ik werkte er hard voor. Dat had als gevolg dat ik daar in de hogere graad wat voordeel uit kon puren, ik hoefde nooit te panikeren wat mijn punten betrof. Geen herexamens of zo, ik heb die weg zonder veel hindernissen kunnen afleggen."

De jeugd van Ingeborg

Ingeborg groeide ook op met het gezelschap van Radio 2 op de achtergrond en de klassieker Vragen staat vrij op de zondagavond met tijdens het luisteren al wat weemoed in de schoenen, want 's anderendaags moest zij weer naar school. Weggerukt van huis, zo voelde dat aan, want zij zat dus op internaat. In Watervliet loopt zij tot het vierde leerjaar lagere school om nadien naar het Sint-Jozefsinstituut in Brugge te trekken. Op haar vijftiende wil zij naar de toneelschool, maar dat kon in die tijd nog niet en dus trekt zij naar de Katelijnestraat in Brugge om daar aan de Academie voor Schone Kunsten plastische kunsten te gaan volgen.

Allowed to cry

Uit Binnen en Buiten

Knokke Cup 1973

Francis Bay dirigeert het orkest n.a.v. de Knokke Cup 1973. Reportage van de repetitie uit het programma 'Binnen en Buiten'.

Zangeres van het jaar in het huwelijksbootje

Zij trouwt de vierde augustus 1973 met de drummer van de band, haar grote liefde Marc Hoyois. Het feest heeft plaats in 't Seyenhof in Itegem. De negende januari 1974 wordt hun huwelijk gezegend met de geboorte van zoon Benjamin. Zij gaan in de Dageraadstraat in Elsene wonen. Datzelfde jaar brengt Roland Klüger op zijn platenlabel RKM twee nummers van Ann in het Nederlands uit: Waarom schrijft hij niet? en Hij. De verkoop valt tegen. Toch wordt Ann in Humo's Pop Poll opnieuw verkozen tot zangeres van het jaar. Zij zou trouwens van 1974 tot en met 1978 elk jaar die prijs in de wacht slepen. Qua optredens heeft Ann het niet gemakkelijk. Gelukkig zorgt Marc financieel voor enige stabiliteit. Ann staat inmiddels tien jaar op de planken en vindt dat zij eigenlijk nergens thuishoort. Zij geeft toe dat zij zich te snel laat intimideren, dat zij zich nog vaak in een hoekje laat duwen. Ook de stress voor elk optreden heeft ze nog niet onder controle en dat stoort haar. Zij mist ook een professionele entourage en aanpak in Vlaanderen, het blijft hier vaak bij amateuristisch geknoei.

Nummer één voor 'Is er een ander'

Intussen was Terra zo bezeten door muziek dat hij zich inschrijft aan het conservatorium in Brussel. Hier ging John zich verder specialiseren in notenleer en klassieke gitaar. Hij hield dit vol tot hij zo'n vijftentwintig optredens per maand had af te werken. Toen werd het kiezen geblazen en koos hij voor zijn carrière als beroepszanger. De daaropvolgende single Is er een ander (tussen jou en mij) doet het enkele maanden later opnieuw beregoed, er zit zelfs een top drie hit in de toenmalige BRT Top Dertig in. In de Vlaamse Top Tien blijft John zelfs zes weken na mekaar op één genoteerd. In de jaren negentig maakte Lotti het liedje onsterfelijk door er een Engelse tekst bij te schrijven en het in te blikken als I Should Have Known.

Eerste album

In 1973 is er zijn eerste album "Wim De Craene", 9 liedjes door Wim geschreven en 2 door Jaap van de Merwe, De rode heuvel en 't Is om de poen te doen. Het openingsnummer De Boudewijn de Eerstestraat (Wim neemt hierin de rijkere klasse met graagte op de korrel) doet ons een beetje denken aan Waterloo Sunset van The Kinks. Door de bank wordt de bezetting sober gehouden: drum, piano, bas en akoestische gitaar. Op dit album hoor je heel duidelijk dat Wim nog sterk aanleunt bij de Nederlandse kleinkunst, hier en daar klinkt hij als een volleerd protestzanger.