1944

Delen S

Rita wordt geboren

Rita was zes maanden jong toen de Tweede Wereldoorlog eindigde. Zij werd de zesde december 1944 in Liedekerke geboren, in het plaatselijke dialect ook wel Likert genoemd en gelegen in de provincie Vlaams-Brabant. Zij heeft twee zussen: Sonja, die twee jaar jonger is dan zij, en Leona, die tien jaar jonger is dan Rita. Tot haar dertiende loopt Rita school in Liedekerke.

Na de bevrijding

Of zij nu in Münster, Mannheim, Magdeburg, Berlijn, Würtzburg of bij ons optraden, zij werden overal op handen gedragen. Deze ervaring stimuleert Jean om na de bevrijding als zanger door te gaan. Om zich na dit avontuur wat veiliger te voelen, duikt hij onder tot aan de bevrijding.

In Brussel wordt hij van dan af orkestzanger en zingt vooral jazzy getinte liedjes op een Amerikaanse leest geschoeid. Meteen na de bevrijding ontmoet hij in Brussel Pol Clark op de Anspachlaan die hem aanspoort definitief voor het vak zanger te kiezen. Vervolgens komt hij in contact met Pol Gason van het ABC Theater aan de Adolph Maxlaan in Brussel en iets later met Bobby Naret van het Corso Theater langs de Chaussée de Gand in Brussel en gaat met de big band van het Amerikaans leger op tournee die hem als de Vlaamse Frankie Laine naar voor schuiven.

Fred Bekky

Het verhaal van The Pebbles begint met Fred Bekky, de achttiende februari 1944 geboren als Frederik Beekmans te Hoboken, en Bobott, alias Bob Baelemans, eveneens in Hoboken geboren. Fred: "Ik moet een jaar of acht geweest zijn, toen mijn ouders merkten dat muziek me wel lag. Mijn vader had ooit nog, zonder daarvoor gestudeerd te hebben, vioolgespeeld, vooral tijdens feestjes. Hij speelde ook niet onaardig op de mondharmonica. Ik liet aan mijn ouders weten dat ik graag piano wou spelen, maar dat instrument was te duur en bovendien te groot om in huis te halen. Dus ik met die viool van pa naar de muziekschool. Daar heb ik het tot mijn zestiende volgehouden. Vooral klassieke muziek heb ik daar gespeeld. Ik weet nog goed dat als mijn vrienden buiten gingen voetballen, ik naar binnen trok om een uurtje op de viool te oefenen. Op mijn zestiende werd ik bekeerd tot de rock-'n-roll: Jerry Lee Lewis, Elvis Presley." Naast musiceren bleek Fred ook nog eens op school een goede leerling te zijn. In de lagere school haalde hij op een speelse manier een score van negentig procent. Na een passage via het PMS (Psycho-medisch-sociaal Centrum) trok Fred naar de afdeling Latijn-Wiskunde aan het atheneum. "Het mag raar in jullie oren klinken, maar wiskunde zei me niets en Latijn liet me ook al even koud. En toch heb ik die richting met succes afgewerkt. In die periode had ik bij de geburen een gitaar kunnen lenen en leerde ik in mijn eentje een rist gitaarakkoorden. Ik had een goed gehoor en pikte van de radio aardig wat liedjes mee die ik dan inoefende en meezong. Toen ik die akoestische gitaar wat in de vingers had, kocht ik mijn eerste elektrische gitaar en ging hier en daar eens kijken naar optredens van een aantal lokale groepen. Ik mocht links en rechts meespelen en dat bleek me wel te liggen. Stilaan groeide de idee en de goesting om met een eigen groep te beginnen en dat werden The Fredstones." Vooraf, dat dient toch vermeld te worden, speelde Fred bij groepen als The Springs en The Ghostriders. "Wij speelden toen de pophits van het moment. In die tijd moest je als je optrad nog een ganse avond vullen. Ik weet dat we tussendoor, om onze stemmen te sparen, regelmatig instrumentale nummers speelden. Dan speelden we de hits van The Ventures en The Shadows. Ik heb in die tijd almaar beter gitaar leren spelen, want die optredens waren tegelijkertijd een goede leerschool."

Meer tegenslag

Ze had al lang een voorliefde voor muziek en trekt vanaf haar zeventiende naar het Antwerps conservatorium. Ze is in die tijd een grote fan van de Belgische sopraan Clara Clairbert, van 1920 tot 1950 de prima donna van de opera in Brussel. Aan het conservatorium ontdekten haar professoren dat Jo wel eens een geslaagde coloratuursopraan zou kunnen worden, maar het noodlot slaat weer toe.

Op zekere dag kan Jo niet meer bewegen. Negen maanden zit ze thuis aan haar bed gekluisterd. Nadien moet ze opnieuw leren lopen. Het conservatorium kan ze dus vergeten. Ze had intussen wel leren houden van de melodieën die de Amerikanen tijdens de Tweede Wereldoorlog in hun kielzog hadden meegebracht. Tijdens de oorlog pikt ze via de BBC pakken liedjes op zoals It Had To Be You en The More I See You.