Ray Franky

Delen S
Geboren in Bois Guillaume
op 12 november 1917
7 juli 2002
François Victor de Paepe
Bekijk DiscografiesLees Biografie
"Dans signorita, dans voor mij. Klapper met je kastanjette, olé!"
Rays relaas

Ray Franky 1917-2002

Het nieuwsbericht bij het overlijden van Ray Franky in Het Journaal.

Il ne faut pas pleurer pour ce qui n'est plus, il faut sourir parce que cela a été.

Te lezen op Ray's overlijdensbericht

Ray Franky is niet meer

Ray overleed de zevende juli 2002 in Vilvoorde. Hij laat één zoon na, Georgy De Paepe.

Het merendeel van de 78-toerenplaten en singles die Ray Franky door de jaren heen heeft opgenomen, zijn intussen op cd terug te vinden dankzij de inzet van Monique Van Moer die voor het Silver Star label in 2002 vier cd's uitbracht met daarop in het totaal tweeënzeventig liedjes van Ray Franky. Als extra editie verscheen op datzelfde label ook het album Kerstmis met Ray Franky.

De Eregalerij

Toen hij door Radio 2 in 2000 geïnterviewd werd naar aanleiding van zijn nominatie met Zing signorita, zing voor mij in de Eregalerij, stond hij erop dat hij, al was het vanop zijn ziekbed, gladgeschoren en fris gekamd achter de microfoon zat en straalde als vanouds wanneer hij over zijn liedjes kon praten. En als zijn geheugen hem tussendoor al eens in de steek liet, was zijn vrouw Rooske in de buurt.

Dat haar man in 2002 een aparte ereplaats in de Eregalerij kreeg toegewezen, deed haar veel plezier. Dat gala, georganiseerd door Radio 2 en Sabam, had plaats in het Casino Kursaal van Knokke. Zijn collega's Bob Benny en Jean Walter werden die avond gelauwerd voor Een Leven Vol Muziek. Zijn viering kreeg nog extra kleur toen bekend werd gemaakt dat de liedjes Zo mooi zo blond en zo alleen, Chachacha en Zeven anjers zeven rozen die avond een eeuwig leven kregen toebedeeld. In dit gezelschap moet Ray zich die avond geweldig thuis hebben gevoeld.

In Vilvoorde kwam ik voor het eerst naar jou luisteren. Daar stond een groot artiest op het podium. En je was tevens een lieve, aardige man, zonder kapsones! Alleen het publiek telde voor jou.

Jos Boudewijn, VRT-producer

Wat je naam was, dat ben ik vergeten

Ray Franky brengt Wat je naam was, dat ben ik vergeten in het programma Op het terras.

Ray Franky op het terras

Ray Franky is op bezoek in Op het terras naar aanleiding van zijn 40-jarige carrière.

Leg je hoofd op mijn schouder

Ray zingt Leg je hoofd op mijn schouder in het programma Jonger dan je denkt.

De comeback

Begin jaren tachtig werkt Ray met veel ijver aan zijn comeback en gaat weer vaak optreden. Hij houdt eraan met een live-orkest op te treden en weigert halsstarrig met band mee te zingen. Hij duikt opnieuw de studio’s in en blijft tot 1987 nieuwe liedjes inzingen waarvan een overzicht op Hebra Records verscheen onder de titel Ray Franky, de mooiste keuze... met daarop vertalingen van bekende Franse liedjes: Bravissimo, Mijn hart verlangt naar jou, Jij mijn souvenir en Omdat ik je liefheb dat hij in 1987 nog opnam. Als kroon op zijn werk wordt Ray tot Ridder in de Kroonorde voor zijn bewezen diensten aan het Vlaamse lied geslagen.

Met zijn gezondheid gaat het echter minder goed. De dokters stellen vast dat hij aan de ziekte van Parkinson lijdt en die maakt hem almaar minder mobiel. Maar zijn fierheid als artiest is hij nooit verloren. Apetrots is hij wanneer in 1995 BMG-Ariola in de cd-reeks De Atomische Jaren 50 het album Charme en romantiek met Ray Franky uitbrengt met daarop een overzicht van twintig van zijn grootste successen, variërend van Italiaanse Serenade tot en met Zuidzee Baion.

25 jaar op de planken

In 1972 brengt Ray op het Hebra label het nummer Wij zijn allen niet zo braaf uit, geschreven door Willibald Quanz samen met Vic Simon, gekoppeld aan het nummer Gaston danst de charleston. In 1973 verkoopt hij zijn café en er komt weer tijd vrij om in Vlaanderen op te treden. Eind 1974 viert Ray zijn 25-jarige carrière. Van 1975 tot 1982 is hij werkzaam als postman in Brussel X .

Ray Franky in Echo

Het populaire televisieprogramma Echo gaat op bezoek bij Ray Franky.

De sixties

Bij de start van de jaren zestig opent Ray in de buurt van het Zuidstation in Brussel een eigen café waar hij vaak optreedt. Daardoor kan hij tijdens de weekends niet elders in het land gaan zingen en dat doet zijn populariteit beetje bij beetje verwateren.

In 1969 is er op het Weekend label de verzamelaar Ce soir... met daarop zestien van zijn bekendste hits.

10 jaar op de planken

Ray trad vaak en veel op. Heel Vlaanderen was zijn concertpodium. Vooral bals waren zijn ding. Hij nam geen genoegen met een paar liedjes en klaar was kees. Zijn collega’s Jean Walter en Will Ferdy herinneren zich nog goed dat hij soms zes uur na mekaar optrad, zonder ook maar een kwartiertje pauze in te lassen.

In 1959 kreeg Ray als eerste Vlaamse zanger van zijn toenmalige platenfirma een gouden plaat voor zijn 10-jarige carrière. Hij brengt dat jaar de elpee De gouden Ray op de markt met daarop een aantal medleys met daarin een pak van zijn lievelingsliedjes verwerkt. Hij wordt begeleid door het Decca Studio-orkest o.l.v. Harry Frékin. Hij neemt dat jaar ook één van zijn mooiste liedjes op, het door Dino Olivieri en Noël Barcy geschreven Ce soir.

Zijn hoogtepunt

Op het hoogtepunt van zijn zangcarrière kan Ray op een fanclub van zesduizend leden rekenen. Zijn vrouw Rooske verzorgt de administratie van de club helemaal in haar eentje. Rooske is ook het zakelijk brein achter Ray Franky, zij houdt de financiële touwtjes nauwgezet in de hand. Bij Radio Luxemburg verzorgt Ray van 1954 tot 1959 dagelijks een radioshow. Vergeten wij daarbij ook niet de vele Bonte Avonden van Renier Van der Velden in Antwerpen en het cabaretprogramma Kop en staart met Joris Collet en Fritz Van Tichelen bij de VRT waar Ray vaak te gast was.

Hits uit Amerika

In 1958 neemt Ray een duet op met de bekende zangeres Jo Leemans . De keuze valt op een vertaling van Love me forever van The Four Esquires dat hij op single uitbrengt als Hou van mij... altijd. Daar houdt het niet mee op. Ray en zijn entourage hadden de impact van de Amerikaanse hits ontdekt en stoten datzelfde jaar op een nummer 1 van tieneridool Frankie Avalon die torenhoog genoteerd staat in Billboard's Hot One Hundred met het nummer Venus. Bij ons wordt het vertaald door Nelly Byl. In de maand augustus van 1958 zit er voor Ray een tweede plaats in de Vlaamse Top Tien in.

Hij vertaalt twee jaar later nog een Amerikaanse nummer 1, Put Your Head On My Shoulder van Paul Anka. In de versie van Ray wordt Leg je hoofd op mijn schouder echter geen hit. Wél bingo is het met Romantica geschreven door de Italiaanse zanger Renato Rascel samen met Dino Verde. Nelly Byl levert de tekst en Ray scoort er een derde plaats mee in de Vlaamse Top Tien. Ook hij zet, net als Renato, een rustige versie van Romantica op plaat.

De laatste echte hit die Ray in de Vlaamse Top Tien zal scoren, is in de maand september van 1960 en wel met Ce soir dat hij deels in het Frans, deels in het Nederlands zingt. Het liedje werd geschreven door Louis Gasté, een bekende Franse componist die chansons schreef voor onder meer Jacques Pills en Tino Rossi en in het bijzonder voor zijn vrouw Line Renaud.

Meer hits

Met Het blijft onder ons, scoort Ray in 1956 opnieuw een klassieker die zijn fans na aan hun hart zal blijven liggen en dat zij telkens opnieuw zullen aanvragen wanneer hij ergens gaat optreden. 1957 is goed voor twee singles die het erg goed doen: Hou moed en Ik zeg je au revoir. In de maand maart van dat jaar neemt Ray een vertaling van Nelly Byl op van de Dalidahit Bambino. Ondanks de bekendheid van het liedje, ook bij ons, geraakt Ray Franky met zijn versie niet hoger dan de derde plaats in de Vlaamse Top Tien, al zal het nummer zo'n vijf maanden na mekaar in die hitlijst blijven rondzwerven.

In de jaren veertig en vijftig waren hits vaak een lang leven beschoren. Platen konden weken na mekaar in één of andere hitlijst genoteerd blijven. Het was in die tijd ook zo dat je van een bepaalde hit diverse covers in één en dezelfde hitlijst kon tegenkomen. In 1958 bijvoorbeeld scoort Enny Denita een hit van formaat met het nummer Bittere tranen. In 1957 had in Amerika Teresa Brewerhet nummer I'm Drowning My Sorrows van Eddie Brandt op single uitgebracht dat geen hoge ogen in de popcharts gooide, maar hier wel werd opgepikt en doorgespeeld aan Leo Camps die er de tekst Bittere Tranen bij schreef. Een dijk van een hit dus voor Enny Denita en in de zomer van 1958 ook een hit in de singleversie van Ray Franky die er eveneens een nummer 1 mee scoorde en met zijn versie maanden lang over de radio te horen was. Uiteraard werd het tijdens zijn live-optredens een meezinger van jewelste.

Hits bij de vleet

Nadien volgen de hits mekaar snel op. In 1955 Mi Carmencita geschreven door Vic Simon, Jef Trappeniers en Egied Wuyts met op de B-kant Nog Nooit, telkens gearrangeerd door Harry Frékin en samen met zijn orkest opgenomen. In de maand juni wordt het nummer uitgebracht en iets later staat het op één in de Vlaamse Top Tien. Acht weken lang zal het daar standhouden.

Er zit ook een nummer één in voor de opvolger Baio Bongo en zijn cover van Que sera, sera dat hij als een duet inblikt samen met Lina Cora met op de A-kant het nummer Zing baby zing. Lina was in 1930 als Angelina De Laet in Wijnegem geboren. Lina scoort in 1958 een grote hit met het nummer Kom, een vertaling van When van The Kalin Twins. Zij zal samen met Ray ook de nummers De postkoets en Sarra' chi sa opnemen.

In 1955 is er het door zijn publiek erg gesmaakte Jij bent alles voor mij, opnieuw een nummer van Jef Trappeniers en Jacques Mollé.

Oh Heideroosje

Het echte succes kent Ray pas wanneer hij Oh Heideroosje in duet opneemt met Jetty Gitari . Jetty werd ontdekt toen zij achttien was. Zij was de vaste zangeres bij het orkest The Stars. Het is platenfirma Decca die haar ontdekt en meteen een platencontract aanbiedt. Decca besluit na dit succes Ray nog een drietal singles samen met Jetty te laten zingen waaronder Een brief in plaats van een roos.

Zing Signorita

Ray Franky heeft veel te danken aan zijn producer Harry Frékin die samen met hem zijn carrière zal uitstippelen. Het is Harry die op zoek gaat naar geschikte nummertjes of ze zelf schrijft. In 1952 neemt Ray het door Willy Hulsens en Peter Egwuy geschreven Mooie woorden op. Harry Frékin begeleidt hem met zijn eigen orkest. Twee jaar later voegt hij een van zijn bekendste liedjes aan zijn repertoire toe Zing Signorita. Harry was op zoek gegaan naar een Spaans getint liedje omdat Ray nogal vaak op bals optrad en het publiek graag up-tempo nummers hoorde. Dat bracht namelijk meteen de nodige ambiance in de tent. Het nummer wordt een geheide hit en mag terecht een Vlaamse klassieker worden genoemd.

Nog zo'n onsterfelijke hit is Wat je naam was dat ben ik vergeten. In 1954 had René Carol in Duitsland het als Jede Nacht erklingt in Abbazia uitgebracht, met op de B-kant Deinen Namen, den habe ich vergessen. Nelly Byl wordt gevraagd er een geschikte tekst bij te schrijven, een haast letterlijke vertaling. Bij ons wordt het datzelfde jaar op single uitgebracht, gekoppeld aan Thé Dansant.

Domino & Mi Carmencita

Ray Franky zingt zijn hits Domino en Mi Carmencita live tijdens een opname van het programma De Tijd van toen in Passage 44 te Brussel.

Domino

Dat resulteert in 1950 in een eerste singletje Domino, opgenomen in de vermaarde Studio Pleyel in Parijs. Dat nummer werd geschreven door de Italiaanse accordeonist Louis Ferrari die in de jaren dertig naar Parijs was afgezakt, daar zijn orkest Ferrari et son Ensemble had opgericht en daarmee in diverse clubs en cafés optrad. In 1950 componeerde hij Domino op tekst van Jacques Plante.

Ray Franky had net een platencontract bij Decca getekend en die lieten Domino in het Nederlands vertalen door Peter Egwuy. In Parijs nam Ray het nummer op samen met het groot orkest van Roland Thyssen. Thyssen zou onder zijn naam nogal wat platen uitbrengen als pianist en Hammondorganist.

Je vous aime, chérie

Zijn echte carrière begint eerder toevallig wanneer hij op het einde van de jaren veertig in de bioscoop geniet van de film Je vous aime, chérie. Vooral de titelsong laat bij hem een grote indruk na. Na de voorstelling brengt hij samen met zijn vrouw Rooske Vanden Broeck nog een bezoek aan het café van Paul Loos in Vilvoorde die dat liedje diezelfde avond nog op zijn accordeon speelt en Ray begint spontaan mee te zingen. Het aanwezige publiek is daar zo van onder de indruk dat zijn besluit vast staat, hij wil het koste wat het kost zanger worden.

Ray Franky wordt geboren

Ray werd de twaalfde november 1917 als François Victor de Paepe in het Franse Bois Guillaume geboren, een gemeente in het Franse departement Seine-Maritime. Zijn vader, een Brusselaar, was samen met zijn moeder tijdens de Eerste Wereldoorlog naar Frankrijk gevlucht. Na de oorlog komen zij weer naar ons land terug en loopt Ray school in het Mechelse waar hij als jonge knaap in het kerkkoor terechtkomt.