Paul Severs

De comeback

Hij trekt zich op aan zijn gezin en weet een nieuw platencontract te versieren bij Johnny Hoes. Bij geen enkele Vlaamse platenfirma was Paul nog welkom, ze geloofden niet meer in het genre dat hij zong. Hoes weet als gehaaid zakenman de plaats van Sylvain Tack in te nemen en overlegt met Paul de volgende stap in zijn carrière. Severs is zo slim niet op zoek te gaan naar een nieuwe manager en neemt van af dan de touwtjes in eigen handen.

In 1980 is er de single Mammie, mag mijn popje naar de hemel met mij mee. Paul had de jaren voordien een zestal maanden opgetreden in Bobbejaanland en daar zong Bobbejaan dat liedje dat hij samen met Louis Verbeeck had geschreven. Paul was er zo weg van dat hij aan Hoes vroeg om dat ook te mogen inblikken. Twee jaar later is het de beurt aan Hij was 'n arme vissersknaap, een vertaling van de Franse nummer één Il tape sur des bambous van Philippe Lavil. Het was niet een stijl die Hoes aan Severs opdrong, maar het waren stuk voor stuk liedjes waarin Paul geloofde. Hij stond, en nog steeds, voor het volle pond achter die keuze ook al reageerden de meesten afkeurend.