Miek en Roel

Tegen de schenen

Achteraf bekeken kan je Miek en Roel niet echt rebels noemen. Op de vraag of ze bewust provocerend wilden klinken, antwoordt Roel resoluut: "In die tijd passeerden we hier en daar weleens een parochiezaal en daar zat meneer pastoor dan op de eerste rij, maar na de pauze bleek die plots verdwenen. Nummers als bijvoorbeeld "Jan met de pet" en "Koop een geweer" kwamen nogal straf over. We trapten hier en daar tekstueel ook weleens tegen de schenen van de kerkelijke gezagdragers en tegen het militaire apparaat. We kregen daar na ons optreden regelmatig hevige reacties op. Mijn vader was vroeger rijkswachter geweest en die zag dat natuurlijk niet zo zitten. Die had zo zijn bedenkingen, maar mijn moeder daarentegen vond het wel oké wat we deden en wat we zongen."