Mama's Jasje

Spark

In 2002 laat Gunther Van Campenhout weten dat hij de groep wil verlaten. "Dat voelde ik gewoon zo aan. Ik hoefde dat niet te verdedigen. Daar werd niet over gepraat, maar we hadden gedurende anderhalf jaar niets nieuws meer opgenomen. Er hing op dat moment ook niets in de lucht. Ik was in die periode met mijn partner Claudia Decaluwé (voormalig lid van Sha-Na) enkele demo's aan het inblikken die zij voor haar solocarrière kon gebruiken. We hebben toen opgenomen met het oog op een eventuele deelname aan Eurosong, en toen we die opname beluisterd hadden, bleek het een commerciële zet dat als duo te doen. We kozen voor de artiestennaam Spark. Ik kon me de reactie van de mensen al voorstellen, zo van: 'Wat zou dat geven, zo'n muzikaal huwelijk tussen Sha-Na en Mama's Jasje?' Toen we achteraf zeer goed bleken te scoren tijdens de finale van Eurosong moest ik een keuze maken. Je kan immers geen twee verschillende maskers gaan opzetten. Peter en ik zijn zonder rancune een tijdje zonder elkaar verdergegaan, mensen hoeven daar niets achter te zoeken." Peter wil er dit aan toevoegen: "Ik voelde dat aankomen. Gunther en Claudia waren zeer close. Ik zag dat Gunther er veel energie in stak en ik was trouwens op dat moment hier en daar ook met andere dingen bezig. Er was dus ruimte om hun dat te gunnen." Spark sluit een platendeal met het Polydor-label en brengt in de maand april van 2002 het nummer Someday uit in een productie van Marty Townsend (werkte ook samen met Barbara Dex en Blue Blot) en Michael Schack (schreef nummers voor onder meer Melanie en Janis Ian). Met Someday doet Spark in 2002 mee aan de voorronden van Eurosong. Zij geraken in de finale tot op de tweede plaats. Ze moeten, jammer genoeg voor hen, Sergio & The Ladies laten voorgaan met Sister. Spark brengt in de loop van 2002 en 2003 nog enkele singles: Whimp, This day, I like it, dat tevens de titelsong is van hun album dat de twaalfde mei in de markt wordt gezet, en vervolgens Give me a hand en Love is a battlefield.