Jo Vally

De ommekeer

In 1989 is er plots VTM én Tien om te Zien. Hij gaat in op het voorstel van platenfirma Schorpioen om het nummer Heimwee naar vroeger op te nemen, maar ook deze single eindigt met een sisser. Samen met zijn vrouw Marcella gaat hij op zoek naar een geschikt nummer. Op aanwijzen van Marcella pikt hij de hit Take my heart van Jacky James eruit. Op zoek naar nog maar eens een bereidwillige platenfirma komt Jo bij Indisc terecht, waar hij in zaakvoerder Richard Dedapper een enorme steun en mentor vindt.

Tussendoor had Jo in 1985 deel uitgemaakt van de Antwerpse ploeg tijdens de Baccarabeker in Middelkerke samen met Carry Lohe en Herman Van Den Bergh. Richard Dedapper is vol vertrouwen en brengt Neem m'n hart meteen op single uit. Bij Tien om te Zien wordt de single supertip en vervolgens een regelrechte hit. Jo zorgt zelf voor een koortje tijdens zijn televisieoptreden en laat Marcella daarin meezingen.

Voor zijn volgende plaat komt hij terecht bij een countrysong die Ray Charles in het begin van de jaren zestig een nummer één had opgeleverd: I can't stop loving you, dat in zijn versie in 1990 Ik kan niet zonder jou wordt. Datzelfde jaar vertaalt hij ook I'll never fall in love again, een klassieker van Johnnie Ray die Jo als Had ik jou maar nooit gekend op plaat zet. Om zijn succesjaar 1990 met drie gouden platen af te ronden, neemt hij Aan alle vrouwen op, een vertaling door Fred Bekky van À toutes les filles van Félix Gray en Didier Barbelivien. Jo zingt het samen met Paul Anderson. Dit wordt zijn eerste nummer één.

Zijn contract met Rik Vervecken was intussen afgelopen en Jo komt onder de vleugels van Marc De Coen terecht. Datzelfde jaar beslist hij zijn job bij de stad Brussel op te zeggen om fulltime zanger te worden.