Jo Vally

Zijn jeugd

Soms trok hij naar zijn meter tante Caroline en haar man Jean. Zij hadden een mooie glanzende zwarte piano en daar was Jo door gefascineerd. Hij kon er uren op spelen en ontdekte zo dat muziek zijn grote liefde was. Hij speelde in die tijd de hits van Will Tura en Jimmy Frey op het gehoor na. Zondag was ten huize Lauwers muziekdag. Dan haalde pa zijn saxofoon uit de kast, speelde Jo piano, zuslief tokkelde wat op de gitaar en zijn oudere broer speelde op de mondharmonica. Echt zingen leert Jo pas als misdienaar in het kerkkoor onder leiding van kapelaan Van Gucht.

In het laatste jaar van de lagere school schrijft directeur Frans Steps hem en een paar jongens van de Chiro in voor een crochetwedstrijd met in de jury Jef Burm en Ugo Prinsen. In hun uniform zingen zij het kajotterslied Als in de mei, de blijde mei. Het publiek en de jury vinden het prachtig en Jo heeft zijn eerste zangwedstrijd op zak. In zijn vrije tijd gaat hij vanaf zijn veertiende samen met zijn broer Herman naar de muziekschool en houdt dat vijf jaar vol. Met enkele vrienden van de muziekschool richt hij zijn eerste groepje op met daarin Francis en Freddy Blommaert en Herman De Potter. In de living thuis mag er met de groep geoefend worden. Dankzij de onderpastoor mogen zij iets later in de parochiezaal oefenen. In hun vrije tijd gaan de jongens bijklussen en zo kunnen zij hun eerste installatie maand na maand afbetalen.